zondag 1 maart 2009

"op" en "uit"

"op" en "uit" zijn twee woorden die betekenis hebben en Isa gericht begint te gebruiken. "Op" zegt ze als het eten op is of als haar beker leeg is. Maar soms gebruikt ze op ook als ze ergens meer klaar is. "Uit" gebruikt ze om aan te geven dat haar jas uit moet, haar slaapzak of pyjama uit moet of als haar slab af moet. Verder zegt ze "uit" als ze uit de kinderstoel, autostoel of kinderwagen wil. Ook het woordje "nee" wint aan betekenis en begint ze nu zelf te gebruiken. Vanmorgen tijdens het ontbijt pakte ik haar vork. Hier was Isa het niet mee eens en ze zei "nee" en pakte hem terug.

Daarnaast wordt duidelijk dat Isa steeds meer begint te begrijpen. Vragen als "pak je jas maar", "pak de bal", "pak de auto" of "zullen we een boekje lezen" begrijpt ze prima. Ook als ik zeg "pak je stoeltje maar dan gaan we lekker sap drinken", dan pakt Isa haar stoeltje en schuift deze naar de tafel omdat ze weet dat ze daar daar haar bekertje sap krijgt.